Het is drukker in de binnenstad nu de angst voor corona bij steeds meer mensen gaat liggen. Winkeliers pleiten voor realisme, in plaats van regels. ‘We moeten niet doen alsof de besmettingsrisico’s nu net zo groot zijn als in maart en april.’

Ruben Koops schrijft in het Parool van 13 juli 2020, naar aanleiding van een interview met voorzitter Willem Koster, Amsterdam City. Foto is van Dingeman Mol.

Of je nu zelf door de binnenstad liep of de foto’s voorbij zag komen op sociale media, afgelopen weekend leek het weer ouderwets druk in de Amsterdamse binnenstad.

Dat vermoeden klopt, hoewel het nog lang niet zo druk is als vroeger. De gemeente schat dat zaterdag en zondag ongeveer twee derde van de reguliere stroom bezoekers en toeristen in de stad aanwezig was. Een flinke toename ten opzichte van de recente lockdownmaanden, toen er op piekmomenten slechts 20 tot 30 procent van de gebruikelijke drukte gemeten werd.

De groei kwam wel onverwachts. Volgens een zegsvrouw van stadsdeel Centrum ‘schoot de drukte dit weekend omhoog’ en ontstond er een piek in het aantal bezoekers, waardoor het moeilijk werd om overal anderhalve meter afstand te bewaren. Daarvoor is de ruimte, vooral in de binnenstad, simpelweg te beperkt.

Opluchting

Op sociale media klinkt de roep om handhaving, maar terugkeer van de bezoekers zorgt bij ondernemers vooral voor opluchting. Willem Koster, voorzitter van winkeliersvereniging City, schat op basis van eigen metingen dat dit weekend ongeveer de helft van de reguliere bezoekersaantallen werd gehaald, vergeleken met dezelfde periode vorig jaar.

Hij beschouwt de volle straten niet als een groot gezondheidsrisico of het einde van de rust, maar als een teken van hoop dat er misschien weer betere tijden aanbreken voor winkels en horeca in de binnenstad. “Dit is een positief signaal, want het is voor veel van onze leden heel zwaar geweest,” zegt hij. Wel benadrukt Koster het grote verschil tussen hoe druk het lijkt op het eerste gezicht en de werkelijke drukte in de stad. Zo zijn er doordeweeks nog altijd veel minder mensen in de binnenstad te vinden.

“De helft van het aantal klanten ten opzichte van voor de coronacrisis is voor veel winkeliers misschien een opsteker, maar het is niet genoeg,” zegt Koster. “Ze zetten weer wat om, maar het is veel te weinig. De problemen voor de horeca en de retailer zijn nog springlevend.”

Geen verrassing

Volgens Janine Oudeman, winkelstraatmanager bij de Biz Burgwallen, is het aantal bezoekers in de binnenstad vooral aangetrokken sinds de raambordelen op 1 juli weer zijn geopend. Bovendien was dit het eerste vakantieweekend, ook in het buitenland,. Voor haar kwam de piek dan ook niet als een verrassing. “Liever gisteren dan vandaag, wij zijn blij dat het bezoek eindelijk weer op gang komt.”

Belangenvereniging Biz Burgwallen, waarbij ruim 300 ondernemers zijn aangesloten, houdt contact met de gemeente over de drukte in het gebied en heeft voorgesteld éénrichtingsverkeer in te stellen in de smallere straten van de buurt. “De contrasten tussen buiten en binnen zijn groot, soms moet een ondernemer op z’n eigen terras politieagentje spelen. Het is belangrijk dat er ook op straat maatregelen worden genomen.”

Stadsdeel Centrum beraadt zich nog op maatregelen om de aantrekkende bezoekersstroom beheersbaar te houden. Gedacht wordt aan meer gastvrouwen en -heren die de bezoekers moeten aanspreken, belijning op straat en het vertalen van de Nederlandstalige waarschuwingsborden.

Realistisch zijn

Willem Koster van winkeliersvereniging City pleit ook voor realisme. Volgens hem is het aantal besmettingen op dit moment sterk teruggedrongen en is er dus ook ruimte om te kijken hoe er met de maatregelen omgegaan moet worden. “We moeten niet doen alsof de besmettingsrisico’s nu net zo groot zijn als in maart en april. Dat biedt ruimte om te verkennen hoe het gaat als we weer samenkomen. Of dat nu op het strand is, waar het heel druk was, of in de stad.”

Ook is het wat Koster betreft niet langer nodig het aantal klanten dat wordt toegelaten tot winkels sterk te begrenzen, zoals tijdens de hoogtijdagen van de pandemie gebeurde. “Daar hoeven zij zich niet meer aan te houden en ik kan het ondernemers na de afgelopen maanden ook niet kwalijk nemen dat zij daar vrijer mee omgaan.”

De drukte in de weekenden was geen uitzondering, denkt hij. “Je ziet nu vooral bezoekers uit naburige landen, die vaak met de auto komen. De vluchten en de bussen met toeristen zijn er nog niet, maar dat zal uiteindelijk ook weer toenemen.”

De groei van het aantal bezoekers is wat Koster betreft ook een test om te zien hoe goed het mensen lukt zich aan de regels te houden. Hij wijst erop dat de demonstratie op de Dam op tweede pinksterdag, ook niet tot grote aantallen nieuwe besmettingen heeft geleid. “Als winkeliers deze crisis niet overleven, krijgen we een binnenstad met dichte winkels. Dat wil ook niemand.”