Winkels, nu en in de toekomst

Hoe willen we dat de winkelstraten er de komende tijd uit komen te zien? Vanuit de gemeente wordt een nieuw Detailhandelsbeleid geschreven die de kaders zal aangeven voor een aantrekkelijk Amsterdam. Aan Amsterdam City de vraag hoe zou dat eruit moeten komen te zien? Na overleg met de straatmanagers, de ondernemers- & BIZverenigingen en het bestuur van Amsterdam City zijn we tot onderstaande bevindingen gekomen.

Een stad met verscheidenheid van karakters

Zoals alle grote steden kent ook Amsterdam een grote verscheidenheid aan detailhandelsfuncties die verbonden zijn met de locatie. Een uniform detailhandelsbeleid kan slechts op hoofdlijnen geformuleerd worden. De beperking tot hoofdlijnen brengt echter het gevaar dat gewenst beleid voor bepaalde gebieden onvoldoende uit de verf komt. Zeker in een dynamische omgeving van detailhandel waar grote veranderingen plaatsvinden. De gevolgen van internet worden zichtbaar, grote verschuivingen in bestedingen treden er op, waarbij traditionele detailhandelssectoren terrein verliezen en andere juist krachtig groeien. Met verschillende effecten op vestigingsplaats en voorwaarden.
Het Centrum van Amsterdam is een gebied waar een heel ander dynamiek speelt dan in krimpende stadsdelen qua detailhandelsvraag en aanbod. Zelfs binnen dat Centrum is er een grote verscheidenheid qua functie en verschijningsvorm.
De behoefte aan detailhandelsbeleid en middelen om dat beleid gestalte te geven is groot. Tegelijk is maatwerk een belangrijke vereiste om aan die verscheidenheid inhoud te kunnen geven. Wat op de ene plek positief werkt is op de andere bedreigend. Voor beide situaties is gericht beleid en inzet noodzakelijk. De gebiedsgericht aanpak blijkt succesvol te kunnen zijn. Regelgeving die gebaseerd is op deze aanpak opent goede perspectieven voor een doelgericht beleid.
Juist die verscheidenheid zou de backbone moeten zijn van stedelijk detailhandelsbeleid.

Klanten – doelgroep

De doelgroep voor het retail product van de Binnenstad bestaat uit een mix van bewoners en werkers in het gebied zelf, overig Amsterdam, de regio, landelijke bezoekers en buitenlandse toeristen. Het aantal bewoners, werkers en bezoekers stijgt de afgelopen jaren, maar niet in dezelfde verhouding. Een van de doelen van het detailhandelsbeleid is het behoud van een retail aanbod dat op evenwichtige wijze de verschillende groepen klanten op aantrekkelijke wijze aan zich kan binden. Een te grote afhankelijkheid van buitenlandse toeristen wordt niet wenselijk geacht. Versterking van de trekkracht op stad en regio is nodig.
De sector zakelijke dienstverlening en de creatieve sector zijn en worden sterker in de binnenstad. Adequate voorzieningen qua horeca, retail en huisvesting zijn belangrijke factoren om die functies te kunnen behouden.

 

Functieverandering in de retail in het kernwinkelgebied.

We zien dat grote winkelketens, met name buitenlandse, zich vestigen in het kernwinkelgebied. Schaalvergroting is voor deze ketens een kerneis voor vestiging. Mede onder invloed van aankopen via internet, richt het kernwinkelapparaat zich op de belevenis functie en experience in plaats van directe aankoopplaats. Gebieden rondom het directe centrum nemen deze rol deels over. Passend bij de experience van de binnenstad wordt de rol van de horeca belangrijker. Deze positieve horecaontwikkeling versterkt het verblijfsklimaat in het gebied en kan een verlenging van de verblijfsduur bevorderen. Van belang daarbij is om aandacht, maatschappelijke gerichtheid, visie en professionaliteit van deze horecaondernemers te eisen.

 

Retailloods

Om de kwaliteit van het winkelaanbod te laten aansluiten op het de kwaliteitsambitie van de stad is het noodzakelijk om voldoende diverse, aantrekkelijke formules een plek te geven in het totale aanbod van retailfunctie. Het centrum van Amsterdam moet zich enerzijds onderscheiden van het aanbod in andere stedelijke winkelgebieden en anderzijds aansluiten bij de internationale ontwikkeling in andere grote buitenlandse steden. Deze opgave betekent een extra inspanning van de Gemeente zoals dat ook in andere steden gedaan wordt. De aanstelling van een Retail loods kan in deze behoefte voorzien.
Gezien de groeiende leegstand, zelfs in het kernwinkelgebied, is het van groot belang om een actief beleid te voeren om aantrekkelijke winkelformules naar Amsterdam te halen en te begeleiden.

 

Kwaliteit winkelaanbod (diversiteit)

• Het aantal toeristische bezoekers groeit snel. In die gebieden waar deze bezoeker voornamelijk verblijft, verschuift het aanbod op eenzijdige wijze naar snelle consumptieartikelen, waarbij de snelle opmars van horeca aanbod dit effect aanzienlijk versterkt.
• Deze voor toeristen aantrekkelijke gebieden zijn tevens woon en werkgebieden. De voor Amsterdam zo karakteristieke mix van wonen, werken en recreëren, wensen wij te behouden. Een versterking van de lokale retailfunctie is daarom noodzakelijk.
• De krachten van de vrije markt werken in een beperkt aantal gebieden niet altijd bevorderend om de gewenste situatie te bereiken. In die bepaalde gebieden kan het nuttig zijn om onorthodoxe maatregelen te nemen die de wankele balans helpen versterken.
Niet met het oogmerk om de dynamiek van de detailhandel in het gebied tegen te gaan, maar om groeiende eenzijdigheid te bestrijden.
• Het is van groot belang om te komen tot een hernieuwde aanpak op functiebeperking en het zoeken naar en creëren van nieuwe regelgeving in duidelijk afgebakende gebieden. Door hun kwetsbare karakter worden zij bedreigd in een evenwichtige groei temidden van een uiterst dynamische omgeving. De groei van de vraag en vervolgens van het aanbod wordt in belangrijke mate veroorzaakt door externe factoren, die niet of slechts in beperkt mate door ons te beïnvloeden zijn, maar de gevolgen waarvan een groot effect hebben op de gewenste balans.
• Maatregelen die in het verleden genomen zijn en een negatief effect blijken te hebben op de diversiteit dienen teruggedraaid te worden. Het ijsbesluit ( Monte Pelmo) blijkt een dergelijk verkeerd besluit te zijn.
• Mengformules kunnen een goed middel zijn voor de verbetering van het verblijfsklimaat in winkels en buurt. De toevoeging van beperkte horeca binnen bepaalde formules kunnen de exploitatie zeker versterken. Ongewenste effecten zijn echter ook zichtbaar, juist in die straten waar de toeristische drukte als te belastend ervaren wordt. Die mengformules zijn er in oorsprong op gericht om het verblijfsklimaat te versterken, maar leiden er nu juist toe dat de gevoelige horeca structuur wordt doorbroken en dat de snelle consumptie op ongewenste wijze wordt gefaciliteerd. Daar waar het in de regelgeving gaat om de zitgelegenheid te beperken, wordt de “loopconsumptie “ juist gefaciliteerd.

 

Parcellering

Verscheidenheid van karakter komt ook tot uiting in het gebruik van retail vastgoed. In de grote drukkere winkelstraten met formules die zich richten op meer volume aan klanten en goederen is er behoefte aan grotere winkeloppervlakten. In de straten met kleinere speciaalzaken in een monumentale omgeving is de behoefte aan kleine intieme winkelruimten. Deze voorkeuren sluiten goed aan bij wensen om de bestaande winkelpand parcellering te behouden. De grootte van een winkel moet wel berekend zijn op de mogelijkheid om op economische wijze een winkel te kunnen exploiteren. Te kleine winkels kunnen leiden tot oneigenlijk gebruik onder ongewenste omstandigheden. Ook hier dus maatwerk per gebied.
Aansluitend hierbij willen wij een pleidooi houden om de plinten van de panden in de winkelstraten zo veel mogelijk te bestemmen voor retail en andere consumentgericht aanbod.

 

Begeleide ontwikkeling

• Ongewenste ontwikkeling van het aanbod in de winkelstraten in de sterke groeikern van de stad: het Centrum bedreigen een evenwichtig aanbod. Er liggen in het Centrum een aantal gevaren op de loer. De snelle groei van omzetkansen doen de huren snel stijgen. Een op zich normale gang van zaken die een teken zijn van een gezonde economische situatie. We mogen ons verheugen op de huidige groei in het Centrum, immers tegelijkertijd zien wij achteruitgang en krimp in andere winkelgebieden met de tegenovergestelde problemen.
• Een aantal gevaren noemen wij. De snelle huurstijging verdrijft een aantal branches en ondernemers die een aanbod voeren dat belangrijk is voor de diversiteit van het aanbod zoals boven beschreven. Eenzijdigheid van aanbod gericht op snelle consumptieve aankoop, onevenwichtige toename van horeca of horeca-achtigen, verarming en afbraak van een meer gelaagd aanbod. Pop up stores of andere snelle formules treden toe, redden het financieel niet en verdwijnen. Daardoor een snel verloop, veel verandering en onrustig aanbodbeeld. Een ongewenst soort ondernemers ziet kansen en neemt de vrijkomende plekken in.
• Kortom naast vele kansen zijn er nogal wat bedreigingen. Beter regelgeving kan hierbij behulpzaam zijn. Er is echter een grens aan regelgeving die past bij een terrein waar juist maatwerk van belang is. Bovendien is er het principe van een vrije markt die ook haar kansen moet krijgen om een goede dynamiek te bevorderen.
• De straatgerichte aanpak lijkt een model te bieden waarin het maatwerk een kans krijgt. Dat houdt in dat de verschillende stakeholders in een begeleid proces komen tot gezamenlijke doelen en invullingen in een begrensd gebied. De overheid vervult een faciliterende rol, deels qua menskracht, deels qua financiering. De krachtige BIZ kan hierin een betere rol spelen dan de vrijwillige ondernemersvereniging. Het is van groot belang dat eigenaren ook een belangrijke rol spelen in dit proces. Versterking van hun organisatiegraad en reguliere communicatie met hen is van cruciaal belang.
• De rol van de straatmanager is in dit proces essentieel naast de inzet van de gemeente. Van belang is dat bij de ontwikkeling van nieuw instrumentarium ten behoeve van begeleide ontwikkeling van de winkelstraten, de rol van de straatmanager bevestigd wordt.

 

2017-01-26T12:34:58+00:00 november 23rd, 2016|Economie|